“Elk kind heeft recht op passend onderwijs”
Leerlingen uit het buitenland die (tijdelijk) in Nederland verblijven, vallen volgens het Nederlands recht onder de leerplichtwet en moeten naar school zolang ze hier wonen. Dunamare-school ISK Haarlem vangt deze leerlingen deels op. Wat zijn de kansen en uitdagingen voor de school? Bestuurder Henk Post gaat hierover in gesprek met schoolleider Mirjam de Meijere. “We zetten allemaal een stapje méér om deze leerlingen een zo mooi mogelijk toekomstperspectief te bieden.”
Wie het niet weet, loopt er zo voorbij. Maar midden in de wijk, pal achter de stad en het station van Haarlem, wordt in een statig pand dagelijks lesgegeven aan leerlingen die voor het eerst kennismaken met het Nederlandse onderwijs. De Internationale Schakelklas in Haarlem maakt onderdeel uit van Dunamare onderwijs. Henk Post schuift dit keer aan tafel bij Mirjam, om te praten over het onderwijs en haar school.
Henk Post: Wat goed om hier te zijn. Samen met Marieke Bouma werk jij hier als schoolleider. Kun je eerst wat over jezelf vertellen?
Mirjam: “Met veel plezier werk ik hier nu bijna drie jaar als schoolleider. Ik richt me meer op het onderwijs, de formatie en het rooster. Marieke heeft als schoolleider onder andere leerlingenzaken en ondersteuning in haar portefeuille. In 1997 ben ik begonnen in het onderwijs. Ik heb Nederlands gestudeerd met NT2 als specialiteit en mijn eerste echte baan was op de ISK in Haarlem. Via het speciaal onderwijs; de vso Daaf Geluk, en het Spaarne College, ben ik weer terug op de ISK waar ik ooit begonnen ben. Mijn voorgangster ging met pensioen en ik had geen enkele twijfel. Dit is een baan naar mijn hart!”
Dat kan ik me goed voorstellen. Het is toch een van de mooiste onderwijsvormen die we kunnen bieden, als je het mij vraagt. Welke ontwikkelingen heeft jouw school ISK Haarlem doorgemaakt?
“Het leerlingenaantal is enorm gegroeid. Tien jaar geleden had onze school zo’n 60 leerlingen gemiddeld genomen per jaar, en nu hebben we het over ruim 400 leerlingen. Voorheen zaten er zes groepen leerlingen in een toren van het Spaarne College. Nu geven wij les aan 400 leerlingen verdeeld over meerdere locaties. Ons toekomstperspectief is dat we met z’n allen in één gebouw terechtkunnen. We zijn echt een team; iedereen heeft passie voor de doelgroep, is betrokken en bevlogen. Als collega’s doen we het echt samen. Maar in één gebouw kunnen we nog meer onze kennis en kunde delen én extra goed zicht houden op alle leerlingen.”
Over wat voor leerlingen hebben we het. Wie zitten hier?
“ISK Haarlem verzorgt het eerste opvangonderwijs voor nieuwkomers in Nederland. Onze leerlingen zijn jongeren tussen de 12 en 18 jaar die recent naar Nederland zijn gekomen, ons land nog niet (goed) kennen en de taal nog niet (voldoende) spreken. Zoals kinderen van arbeidsmigranten, kinderen die geboren zijn in Nederland maar jaren in het buitenland hebben gewoond en kinderen die gevlucht zijn uit oorlogsgebieden. We hebben vooral een grote groep ‘amv’s’: alleenstaande minderjarige vluchtelingen. Bij ISK Haarlem geven we deze jongeren graag ondersteuning om ze zo goed mogelijk voor te bereiden op vervolgonderwijs in Nederland. Aan de hand van een aangepast onderwijsaanbod leren de leerlingen zo snel mogelijk de Nederlandse taal. En ze krijgen de kans om een start te maken met de integratie in de Nederlandse samenleving. Vervolgens begeleiden wij ze naar regulier onderwijs of andere trajecten.”
Jullie hebben diverse uitstroomroutes.
"Ja, waarbij het bijbrengen van kennis van de Nederlandse taal en samenleving in alle routes centraal staat. Leerlingen op de ISK hebben twee jaar de tijd om een bepaald taalniveau te halen, maar dat is echt heel kort. Je begrijpt, het is lang niet voor iedereen haalbaar om het gevraagde niveau binnen twee jaar te halen. Natuurlijk, de meeste leerlingen kunnen het. Die gaan naar het voortgezet onderwijs of het mbo. Maar hier komen ook kinderen die niet kunnen lezen en schrijven en die hebben meer moeite om het gewenste niveau te halen.”
Is het beter om de tijd te verlengen naar vier jaar bijvoorbeeld?
“Nou, uiteindelijk is het ook zaak om de doorstroom te blijven bevorderen en leerlingen zo snel mogelijk onderdeel te laten zijn van het reguliere schoolsysteem. Dan praten en horen ze elke dag Nederlands. Daarom zou maatwerk fijn zijn, dat is echt de sleutel. Zodat we ons onderwijs per leerling met bijvoorbeeld een halfjaar of jaar kunnen verlengen. De laatste jaren zien we dat er meer alleenstaande minderjarige vreemdelingen zonder ouders naar Nederland komen. Dan heb je het over ongeveer een derde van ons totaal aantal leerlingen. De doorstroom naar het mbo is daardoor groter, met alle uitdagingen van dien.”
Wat jammer dat er soms niet voldoende ruimte is en er onvoldoende middelen zijn. Heb je het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) gesproken? Als je het hebt over kansengelijkheid, dan wil je deze kinderen een goede start geven.
“Het ligt gecompliceerd. De groep die lekker gaat – leerlingen die goed kunnen leren en snel een taal oppakken - ja, die komen er wel. Maar de leerlingen met meer moeite, of die starten als analfabeet, hebben minder kansen. Instromen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs gaat niet. Ook op het mbo is een bepaald taalniveau vereist waar niet iedereen aan kan voldoen. Deze kinderen vallen tussen wal en schip.”
Wat een lastig vraagstuk. Tegelijkertijd voel ik jouw enthousiasme over dit onderwijs door alle uitdagingen heen.
“Hier werken is ontzettend leuk en dynamisch; werkelijk geen dag is hetzelfde. Ja, je moet flexibel zijn; kinderen komen en gaan. Maar gelukkig heb ik fantastische en bevlogen collega’s plus een team met een hoge veranderbereidheid. Daarnaast kan je echt een verschil maken. Iedereen wil hier kansen bieden en de leerlingen zo passend mogelijk laten uitstromen.”
Het zou wellicht goed zijn als onze blik wat breder wordt. Wat zouden scholen kunnen doen aan kansrijke scholing voor jullie doelgroep?
“Anderstaligheid opnemen in je taalbeleid, met handelingsadviezen, helpt. Een NT2-expert aanstellen binnen een reguliere school ook. Die weet: hoe verwerf je nou zon tweede taal? Hoe gaan we ermee om? Er zijn scholen die het al heel goed doen, maar we kunnen nog meer stappen zetten. Wat mij over het algemeen opvalt binnen het Nederlandse onderwijs is dat de toetsen best moeilijk zijn, heel talig. Als het voor een leerling die goed Nederlands spreekt al moeilijk is… laat staan voor een nieuwkomer. Taal is alles! Dan heb je al een enorme achterstand.”
En als jij ‘t bij het ministerie voor het zeggen had, wat zou je dan doen?
“Haha!” Zingend: ‘Als ik de baas was van het journaal?’ “Het zou fijn zijn als we wat flexibeler worden met z’n allen. Waarom vallen de 16+-leerlingen nog onder het voortgezet onderwijs? En niet onder het mbo? Er zijn bijna geen voorzieningen voor deze kinderen. Een soort ‘mbo-ISK’ zou mooi zijn, dan heb je ook de expertise in huis. Er zijn wel gesprekken gaande over nieuwe mbo-voorzieningen of een tussenstap zoals een préscholingsprogramma. Meer maatwerk dus.”
En we zoeken nóg meer een gedeelde verantwoordelijkheid.
“Er gebeurt al veel en er zijn waardevolle samenwerkingen. Zo nemen we deel aan de Coalitie van Perspectief, een initiatief van COA, met als doel om samen met onder andere de gemeente, Nidos, COA en het Nova College tot een geïntegreerde aanpak te komen in de regio rond amv’s. Met elkaar zorgen we voor een goede aansluiting op onderwijs, zorg, participatie en werk. Maar er zijn nog genoeg uitdagingen. Als kinderen geen verblijfsstatus krijgen, dan is de motivatie weg. Het leren houdt dan vaak op, de leerlingen hebben geen perspectief en komen niet opdagen bij ons op school. Maar ze hebben wél een leerplicht. Ik begrijp het: ze willen ook geld verdienen, ze hebben zorgen en schulden. Er zit zoveel achter één verhaal – ook sociaal-emotionele problematiek. Ik zeg altijd: wat zou je voor je eigen kinderen willen? Hoe zien we dit beleid voor ons in 2030?”
Ik voel je passie voor de leerlingen en dit type onderwijs. In de docentenkamer was iedereen ook zo enthousiast, viel me op.
"Je start hier niet zomaar. We zetten allemaal een stapje méér om deze leerlingen goed onderwijs te bieden en een zo mooi mogelijk toekomstperspectief.”