Cabaretier Johan Goossens had de eer de laatste inspiratiebijeenkomst in te vullen. De oud-docent leidde zes jaar lang een dubbelleven. Hij stond voor de klas bij het ROC in Amsterdam én op het podium. De schoolverhalen bundelde hij in twee boekjes en een voorstelling. De collega’s die naar het Haarlemmermeer Lyceum waren gekomen op dinsdagavond 11 april werden een uur lang getrakteerd op grappige en soms heel herkenbare anekdotes. ‘Die relativering vind ik mooi.’

Johan Goossens houdt onderwijscollega’s een lachspiegel voor. Dat begint -pling! – al met de reeks mailtjes die hij binnenkreeg toen hij een dag thuis in bed bleef. Hij vertelt over zijn eerste lesdag (Meneer, heeft u een vriendin?), over de terugkerende zenuwen voor de eerste dag na de vakantie, hij vraagt de zaal hoe zij dat doen met die mobieltjes in de klas. Daarbij relativeert hij continu zijn eigen afkomst op een school waar de leerlingen ‘net geen strafblad hebben en met een kinderwagen naar school komen.’ ‘Kijk’, zegt hij, universitair geschoold. ‘Voor mij hebben hbo’ers al een vlekje.’ Hij zet het cultuurverschil hilarisch neer. ‘Mijn moeder zette bij mijn geboorte mijn naam op een kaartje in plaats van in haar nek.’
En verder gaat hij: over de goedbedoelde adviezen die collega’s hem gaven in zijn eerste meters als docent. Over hoe inconsequent hij was. Over de dilemma’s waar hij tegenaan liep. Het ordeprobleem en het gesprek aangaan met de klas. Hij vertelt over een meisje dat ziek was, maar een briefje meebracht waarop stond dat zij prostaatkanker had. Vreemd! Over Fatima die een geheim had en de ‘gun’ van haar neef mee naar school had genomen. Over de les Nederlands waarin het ging over ‘fucking moeilijke shit’ als bezittelijke voornaamwoorden en verkleinwoordjes. Het verkleinwoordje van stad, vroeg hij. Het antwoord was: ‘dorp’.

Er wordt veel gelachen deze avond. Johan Goossens was weliswaar docent op een mbo, maar de situaties die hij over het podium strooit, zijn – hoewel schromelijk overdreven – in de kern voor collega’s ook herkenbaar. En zegt hij: ‘Ik heb ontzettend veel geleerd in mijn tijd als docent, vooral ook over mezelf.’
Hij eindigt zijn mini-show met de mededeling: ‘Als je ooit op een ROC gaat werken, ga nergens van uit. Neem je eigen whiteboard mee, en je eigen leerlingen.’ Zijn grappen zijn soms cynisch, maar zegt Albert Strijker na het eindapplaus: ‘In alle grappen die je maakt, hoor je terug dat je van kinderen houdt.’

Na afloop staat voorzitter van de GMR Timo Bosma na te praten. ‘Leuk initiatief’, zegt hij. ‘Ik had wat meer medewerkers verwacht, maar de mensen die er wel waren staan morgen vast met een lach voor de klas.’ Judith van Bueren is schoolpsycholoog aan de Daaf Gelukschool. Zij zegt: ‘Zo grappig, ik heb toevallig van de week een filmpje van hem gebruikt.’ Of de situaties een spiegel voortoveren? ‘Voor mij niet hoor’, zegt een routinier van het Sterren College. ‘Ik heb al van alles meegemaakt op onze school.’ Bart Oremus van het Haarlemmermeer Lyceum herkende wel het een en ander in de verhalen van Johan Goossens. ‘Hij relativeert, zegt hij. ‘Dat vind ik mooi.’ En even later: ‘Ja, na de vakantie is er altijd die gezonde spanning voor het nieuwe schooljaar, dat herken ik wel. Het was een leuke avond. Jammer dat veel collega’s deze kans hebben laten schieten.’ Twee collega’s van de Duin en Kruidberg Mavo hadden ook een leuke avond. ‘We herkenden vooral de mailtjes.’

En zo kwam er een eind aan een serie inspiratiebijeenkomsten ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van Dunamare Onderwijsgroep. Van Diederik Jekel via Erik Scherder naar Johan Goossens. Er waren collega’s die ze alle drie hebben bijgewoond. ‘Toch ontzettend leuk dat zoiets wordt georganiseerd.’ En als we even doorvragen, kan de conclusie worden getrokken dat ook als Dunamare 11 jaar bestaat een inspiratiebijeenkomst een fijne toevoeging aan het werkplezier zou zijn.